22-02-06

Intermezzo

’t Is een grijze triestige februaridag. Sinds enkele weken zit ik meer binnen m’n vier muren vastgekluisterd dan me lief is. Dat heeft zo z’n reden: een inwonende zieke vraagt alle hulp en aandacht en als je een beetje een hart hebt, laat je dergelijk iemand niet aan z’n lot over. Dus drentel ik dagelijks op en neer tussen onze vertrekken en die van de zieke, verpleeg, verzorg en beredder ik de boel zo goed mogelijk. Nu en dan krijg ik externe hulp van familie, vrienden, buren, kennissen of professionele diensten, maar de meeste uren zorg ik zelf voor de zieke... Maak ik  ’t leven van die mens zo comfortabel mogelijk... Op de momenten dat er wordt gerust, er geen bezoek is en ik eventjes op adem kom, komt m’n zwaarmoedige gemoedstoestand boven... Ik denk, tob en pieker dan over honderd en één dingen... zoals nu. Ik vraag me af wat de toekomst me biedt... Als ik in de spiegel kijk naar de vermoeide lijnen in m’n gezicht, de wallen onder m’n ogen, dan weet ik dat er niet veel goeds meer zal resten na een tijdje... Als ik mezelf dag in dag uit zie rondsjouwen in m’n zelfde “thuis-huis-plunje’, dan weet ik dat ook die ééntonigheid zich zal wreken... Ik heb geen zin meer in me mooi maken, ik heb geen zin meer in eender wat van de dingen die me voorheen zo interesseerde... Ik begin te vervallen in onverschilligheid voor alle dingen die me voorheen zo belangrijk leken... Ik staar naar m’n onverzorgde nagels, tast naar m’n inderhaast samengegrabbelde haren die door een klem op m’n hoofd blijven zitten en wrijf gedachtenloos over m’n droge huid... En l angzaam realiseer ik me dat ik al enige tijd m’n moed, m’n energie en gedrevenheid verlies... M’n vitaliteit is niet meer bruisend..nee stilletjes aan taant ze weg... De glans in m’n ogen is er nog enkel een van tranen, m’n glimlach blijft steken in m’n mondhoeken en zelfs de klank van m’n stem heeft een ander geluid... ’t geluid van een wegkwijnend iemand... En de hazenrustjes tussendoor, als ik in de keuken naar buiten zit te staren of op de bank me even neerleg, worden enkel nog gebruikt om te mijmeren over hoe ’t voorheen was.... Om te hunkeren naar de vervlogen momenten... Om met een zwaar hart terug te denken aan enkele maanden of een jaar geleden... En wat toen zwaar was lijkt nu nog veel zwaarder... En wat toen aangenaam en hoopgevend was lijkt dat nu des te meer... Terwijl ik dit schrijf, proef ik het zilte vocht dat m’n mondhoek bereikt en ik weet dat ik moet ophouden met peinzen, met piekeren en nadenken... Straks moet ik weer stralend en optimistisch naar de zieke toe én naar de andere huisgenoten voor wie ik zorg en daar kunnen tranen me niet bij helpen, niet?...

16:11 Gepost door Roos | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

07-02-06

Zij dacht...

Zij dacht: ik heb een vriendin ! Een lieve flinke jongedame die écht met mij begaan is...Zo iemand die ik koester, aan wie ik m’n diepste gevoelens kwijt kan... ‘k Luister soms ademloos naar haar relaas van één of andere gebeurtenis... Ze maakt me aan ’t lachen op de momenten dat ik de wolken boven m’n hoofd voel samenpakken... Ik trek me op aan haar jeugd, aan haar pit, aan haar unieke persoonlijkheid... En soms, als zij ’t even niet goed ziet zitten, probeer ik haar toeverlaat te zijn, haar troost... Blijkbaar dacht zij voor de zoveelste keer in haar leven...verkeerd. Onbewust deed ze ’t meisje pijn, onbewust zorgde ze voor frustratie, voor ontgoocheling...voor een niet begrepen gevoel... Onbewust verloor ze de vriendschap die zij meende te krijgen, waren de gebaren die zij naar haar vriendin maakte, niet zo begrepen... verkeerd overgekomen... Dus staart ze nu naar de brokstukken die aan haar voeten liggen... En al haar goede bedoelingen ten spijt, al haar verwoede pogingen om nog iets te redden, lijken verloren... De emmer is overgelopen, het gevolg is nefast... Ze kijkt gedachtenloos in de spiegel en vraagt zichzelf: mens, wat doe je toch?... wat doe jij hier nog?... Snap je dan niet dat de wereld jouw soort niet nodig heeft? Dat je haat en woede doet kiemen, in plaats van liefde en genegenheid....? Zij is moedeloos, ten einde raad... weet niet meer wat gedaan... En de hoop op zon en warmte verdwijnen uit de gezichteinder... En de koude adem van minachting en negering bevriest in haar gezicht.... Was dit hetgene waarvoor ze alles over had? Was dit de parel die ze zo koesterde? Is dit zoveel pijn waard?... Ze weet het niet... En goeie raad biedt zich niet aan... Dus berust ze er maar in: vriendschap en warmte is aan haar niet besteed...

15:58 Gepost door Roos | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |